
Een gewasbeschermingsmiddel mag in België pas op de markt komen na een grondige risicobeoordeling door de experten van onze dienst, de dienst Gewasbeschermingsmiddelen en Bemestingsproducten. Een middel wordt enkel toegelaten wanneer het gebruik ervan als veilig voor mensen, dieren en het milieu wordt bevonden. Tal van aspecten komen aan bod in deze risicobeoordeling, waaronder ook de risico’s voor omwonenden en voorbijgangers. Zo gaan de experten na of de blootstelling van zowel volwassenen als kinderen binnen veilige grenzen valt wanneer ze via inademing of via de huid in contact komen met spuitnevels van een nabijgelegen veld. Ook de inname van residuen via voeding wordt beoordeeld. Hierbij worden veiligheidsmarges gehanteerd en gaat de blootstellingsbeoordeling steeds uit van het slechtst denkbare scenario.
Indien nodig worden via de toelatingsakte risicobeperkende maatregelen opgelegd, zoals driftreducerende maatregelen om verwaaiing van de spuitnevels te beperken, veiligheidsmaatregelen (beschermingskledij) om de toepassers en werknemers te beschermen, of spuitvrije bufferzones langs oppervlaktewater om de waterorganismen te beschermen. Indien de strengste risicobeperkende maatregelen niet volstaan om het product veilig te kunnen gebruiken, wordt het niet toegelaten.
De Europese richtsnoeren, waarop de risico-evaluaties gebaseerd zijn, evolueren in functie van de wetenschappelijke inzichten en worden over het algemeen steeds strenger. Voor elke werkzame stof en elk product wordt de risicobeoordeling periodiek herzien op basis van de nieuwste richtsnoeren en recente studies, zodat de gebruiksvoorwaarden waar nodig kunnen aangepast worden. Als geen enkel gebruik volgens de nieuwe wetenschappelijke kennis nog veilig blijkt voor mens, dier en milieu, wordt de toelating ingetrokken.
Klik hier als je meer wil weten over de risicobeoordeling voor omwonenden en voorbijgangers.
