De FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu wenst een aantal verduidelijkingen te geven over de beperkingen van het gebruik van een aantal insecticiden die gevaarlijk zijn voor bijen, de zogenaamde neonicotinoïden. Die beperkingen werden uitgevaardigd in 2013.
Nieuws - Gewasbescherming
Dit persbericht is bestemd voor de toelatingshouders van gewasbeschermingsmiddelen met werkzame stoffen die bij gebruik volgens de Goede Landbouwkundige Praktijken de metaboliet 1,2,4-triazole als degradatieproduct in de bodem kunnen vormen.
Dankzij een nieuwe Europese goedkeuringsprocedure zullen bepaalde producten die niet als gewasbeschermingsmiddel op de markt worden gebracht toch voor de bescherming van gewassen mogen worden gebruikt. Deze zogenaamde 'basisstoffen' staan op een positieve lijst met hun specifieke dosering en toepassingen. Twee basisstoffen zijn intussen goedgekeurd: heermoes en chitosan hydrochloride.
Sinds meerdere jaren blijken de honingbijpopulaties af te nemen, en dan vooral in Noord-Amerika en in Europa. De wetenschappelijke wereld ziet meerdere oorzaken voor deze afname, maar duidt geen specifieke oorzaak aan als belangrijker dan de andere. Dit is de reden waarom de afname van de bijenpopulaties “multifactorieel” genoemd wordt.
De Dienst Pesticiden en Meststoffen heeft twee recente studies over de impact van neonicotinoïden op bijen en hommels geëvalueerd.
Naar analogie met de neonicotinoïden imidacloprid, clothianidin en thiamethoxam moeten ook beperkingen opgelegd worden voor het landbouwkundig gebruik van het insecticide fipronil. Deze beperkingen worden opgelegd om alle mogelijke risico’s voor bijen uit te sluiten.
