Interpretatie van het gebruik 'alle teelten'

Het gebruik ‘alle teelten’ moet als volgt worden begrepen:

Het middel mag toegepast worden voor alle gewassen behalve voor de volgende teelten: bosbouw, op permanent onbeteelde terreinen, op spoorwegen, in opslaglokalen, voor zaaizaden of na-oogst behandelingen.

Het wordt op toelatingsaktes gebruikt voor:

  • Herbiciden die een werkzame stof bevatten waarvoor MRL’s zijn vastgesteld in Annex II of III van Verordening 396/2005 voor zover ‘tussen de rijen zonder de teelt te raken’ vermeld wordt.
  • Herbiciden die een werkzame stof bevatten die in Annex IV van Verordening 396/2005 is opgenomen (dat wil zeggen, de werkzame stoffen waarvoor geen MRL’s van toepassing zijn) en voor basisstoffen (toegelaten door de Europese Commissie) voor zover ‘voor het zaaien of planten', 'voor opkomst' ’ als toepassingsstadium is opgenomen of voor zover ‘aan de voet van bomen en struiken' of tussen de rijen zonder de teelt te raken’ vermeld wordt.
  • Slakkenverdelgingsmiddelen waarvan de formuleringen alleen een werkzame stof die in Annex IV is opgenomen bevatten.
  • Formuleringen op basis van micro-organismen opgenomen in Annex IV, behalve als het gaat om een toepassing voor de zaai. Bij een toepassing voor de zaai gaat het om een tijdelijk onbeteelde landbouwgronden en moet deze benaming gebruikt worden.
  • Anti-schuimmiddelen aangezien deze producten gebruikt worden in menging met een formulering
  • Rodenticiden die een werkzame stof bevatten waarvoor MRL’s zijn vastgesteld in Annex II of III van Verordening 396/2005, voor zover de toepassingswijze elk contact met de teelt uitsluit, vb. doordat het lokaas rechtstreeks in de holen wordt geplaatst.

Op toelatingsaktes mag het niet gebruikt worden voor

  • bosbouw
  • permanent onbeteelde terreinen
  • spoorwegen
  • opslaglokalen
  • zaaizaden
  • na-oogst behandelingen